Afdrukken
Laatst bijgewerkt op zondag 29 januari 2012

Het sterrenbeeld Camelopardalis - Giraffe

Nederlandse naam Latijnse naam Afkorting Genitief
Giraffe Camelopardalis Cam Camelopardalis
Zichtbaarheid Het gehele jaar: het sterrenbeeld is circumpolair voor waarnemers in Nederland en belgië. Het sterrenbeeld is zichtbaar tussen de 90-ste en de -10-de breedtegraad
Grootte In grootte is Camelopardalis het 18-de sterrenbeeld
Omgeving Het sterrenbeeld wordt omringd door de sterrenbeelden Draco, Ursa Minor, Cepheus, Cassiopeia, Perseus, Auriga, Lynx en Ursa Major
Meteorenzwermen Er zijn in Camelopardalis geen meteorenzwermen beschreven

Beschrijving

CamelopardalisAan de sterrenhemel komt een complete dierentuin voor. Als je iemand vraagt naar welke dieren er allemaal aan de hemel staan dan zullen veel mensen wel de beer (groot en klein), de Ram en de Stier kennen. Na wat nadenken zullen sommigen ook nog wel de Eenhoorn, de Wolf, de Hond (groot en klein) en de Vos weten. Maar de giraffe hoort hier eigenlijk niet thuis.

Met een beetje fantasie lijkt het sterrenbeeld inderdaad op een giraffe als je alle zwakke sterren meeneemt. Camelopardalis is een circumpolair sterrenbeeld en dat betekent dat het het gehele jaar door zichtbaar is. In de wintermaanden staat de giraffe op zijn kop. In de zomermaanden zien we de giraffe met zijn poten naar beneden.

Het sterrenbeeld is voor het eerst benoemd door Jakob Bartsch in 1624 maar hoogstwaarschijnlijk al veel eerder benoemd door de Nederlander Peter Plancius. Plancius was een beroemde cartograaf die leefde van 1552 tot 1622. Hij was als cartograaf in dienst van de Verenigde Oost-Indische Compagnie. Zijn wereldkaarten van 1592 en 1594 maakten hem beroemd. Camelopardalis (ook wel bekend als Camelopardus) is gelegen tussen Cassiopeia en Ursa Major (Grote Beer). Om het sterrenbeeld te vinden kunnen we uitgaan van α Auriga; de helderste ster van de Voerman. Als je niet weet welke van de heldere sterren in dit gebied Capella is dan kan je Camelopardalis ook vinden uitgaande van de Grote Beer: in plaats van naar de Poolster toe te gaan trek je nu een lijn via δ Ursae Majoris en α Ursae Majoris naar het zuiden. De heldere ster die je nu bereikt is Capella.Van uit Capella gaan we richting noordwesten naar Perseus. Halverwege Capella en Algenib (α Persei) en vijf graden ten noorden van deze ster vinden we de poten van de Giraffe.Als we van uit Capella drie graden naar het westen en zeven naar het noorden gaan dan komen we bij de ster 7 Cam, dit is een dubbelster die de voorpoten van de Giraffe markeert. Van uit 7 Cam gaan we naar de volgende heldere ster, 7 graden naar het noorden. Dit is β Cam.

β Cam is de helderste ster in Camelopardalis, de ster heeft een helderheid van magnitude 4,0. Het is een gele superreus die ongeveer 100 maal zo groot is als onze zon en op een afstand van 1700 lichtjaar staat.Als we nog zes graden naar het noorden bewegen komen we bij α Cam, de ster heeft een helderheid van magnitude 4,3. Het is een blauwe superreus op een afstand van 4000 lichtjaar. De ster is half zo groot als β Cam.

Ten noordwesten van α Cam vinden we γ Cam. De ster heeft een helderheid van magnitude 4,6. De ster is eens zo groot als onze zon en staat op een afstand van 180 lichtjaar.

Camelopardalis op oude sterrenkaarten

Camelopardalis uit de Uranohraphia van HeveliusCamelopardalis - uit de Uranographia van Hevelius (± 1690)

 Camelopardalis uit Urania's MirrorCamelopardalis - uit Urania's Mirror (± 1825) samen met de niet meer bestaande sterrenbeelden Tarandus (rendier) en Custos Messium

Dubbelsterren

Camelopardalis bevat verschillende leuke dubbelsterren.
Struve 485 is een wijde en gemakkelijk te scheiden dubbelster. De ster wordt omringd door verschillende sterren van magnitude 10 en 11 die samen de open sterrenhoop NGC 1502 vormen. NGC 1502 ligt halverwege α en β Cam. In hetzelfde gebied vinden we ook nog de dubbelster Struve 484. Dit is echter een moeilijke dubbelster: de hoofdster is van magnitude 9,0 terwijl de begeleider 9,5 is.Struve 1051 is een meervoudig stersysteem bestaande uit drie gelijke sterren. De ster ligt in een afgelegen stukje van de hemel en is lastig te vinden.β Camelopardalis is ook dubbel: de hoofdster is van magnitude 4,0 terwijl de begeleider 9,0 haalt. De begeleider is eveneens weer dubbel: er draait een sterretje van magnitude 11 om.

Variabele sterren

R cam is een veranderlijke ster van het Mira-type. De periode bedraagt 270 dagen en de helderheid varieert tussen magnitude 7 en 14.

VZ Cam is een semi-regelmatige veranderlijke met een gemiddelde periode van 23,7 dagen. De helderheid varieert tussen magnitude 4,8 en 5.

Deep Sky objecten

Camelopardalis heeft geen Messier objecten.

NGC 2403 in CamelopardalisNGC 2403 in CamelopardalisNGC2403 (Caldwell 7) is een spiraalvormig melkwegstelsel dat diverse stervormingsgebieden bevat en vele heldere blauwe O- en B-sterren. Het stelsel maakt deel uit van de Coma-Sculptor groep van melkstelsels waartoe ook onze eigen melkweg en de Lokale groep behoren. NGC2403 bevindt zich op een afstand van 14 miljoen lichtjaar en bevat ongeveer 50 miljard zonsmassa's aan materie. Dat is minder dan de helft van ons eigen melkwegstelsel. NGC2403 heeft strak opgewonden spiraalarmen in de buurt van de kern en losse spiraalarmen in de buitengebieden. Edwin Hubble bestudeerde in de 50-tiger jaren van de vorige eeuw het stelsel met de 5 meter telescoop van Mount Palomar. Hij ontdekte in de buitenarmen vele heldere H-II gebieden waar nieuwe sterren worden gevormd. NGC2403 werd in 1788 door William Herschel voor het eerst gecatalogiseerd. Om NGC2403 te vinden begin je bij de ster Muscida van het sterrenbeeld Ursa Major. Deze ster is ook bekend als o Ursae Majoris en is van magnitude 3. De ster vormt de neus van de beer. NGC2403 bevindt zich 7.5° noordwesten van Muscida. Dat is ongeveer een volledig beeldveld van een verrekijker of een telescoopzoeker. Het stelsel bevindt zich 1° ten westen van de ster 51 Cam. Deze ster is van magnitude 6 en dus net niet met het blote oog zichtbaar. Als je het stelsel hebt gevonden dan vallen meteen de heldere sterren in de spiraalarmen op. In eerste instantie denken veel amateurastronomen dan aan een supernova maar in dit geval zijn het voorgrond-sterren die tot ons eigen melkwegstelsel behoren. NGC2403 observeren kost enige gewenning. Begin met een kleine vergroting en ga dan verder tot je het beste beeld krijgt. Het stelsel heeft een geringe oppervlakte helderheid dus een telescoop met een grote opening is noodzakelijk om sterk te kunnen vergroten. Met behulp van een 15 cm telescoop is het stelsel al heel goed te zien. Tijdens een heldere maanloze nacht en met behulp van perifeer waarnemen is er ook structuur in de spiraalarmen zichtbaar. Bij heldere hemel is het stelsel ook in een verrekijker zichtbaar maar dan moet die wel op een statief zijn bevestigd.

NGC 1501 in CamelopardalisNGC 1501 in CamelopardalisNGC 1501 is een planetaire nevel die door William Herschel in 1787 werd ontdekt. De afstand wordt geschat op 4890 lichtjaar

 

 

 

 

 

 

 

 

NGC 1502 in CamelopardalisNGC 1502 in CamelopardalisNGC 1502 is een mooie open sterrenhoop bestaande uit 15 sterren. De dubbelsterren Struve 484 en Struve 485 maken er deel van uit. De open sterrenhoop heeft een helderheid van magnitude 5.7 en een grootte van 8'.

 

 

 

 

 

 

NGC 2523 in CamelopardalisNGC 2523 in CamelopardalisNGC 2523 is een zwak balkspiraalvormig melkwegstelsel. Het stelsel heeft een visuele helderheid van magnitude 13 en is daardoor alleen in grotere telescopen zichtbaar. (klik op de afbeelding voor een grotere foto)

 

Kemble's Cascade

Kemble's Cascade in CamelopardalisKemble's Cascade in Camelopardalis, de heldere vlek linksonder is NGC 1502De Cascade van Kemble is een samenstand van sterren die pas 30 jaar geleden aan zijn naam is gekomen. Kemble's Cascade is genoemd naar de Franciskaner monnik Lucien Kemble uit Canada. De groep sterren bevindt zich ten oosten van Cassiopeia en eindigd in de open sterrenhoop NGC 1502. Vooral op winternachten is het een object dat snel door amateurastronomen bekeken kan worden omdat het hoog aan de hemel staat en gemakkelijk is te vinden.De groep sterren werd voor het eerst door Lucien Kemble genoemd toen hij de sterrenhemel bestudeerde met behulp van een 7*35 verrekijker. Hij stuurde de beschrijving van deze groep sterren in naar Walter Scott Houston van het astronomsiche maandblad Sky & Telescope. In 1980 werd er in dit tijdschrift over gepubliceerd en men noemde de groep sterren Kemble's Cascade. Kemble was deepsky waarnemer en lid van de Royal Astronomical Society of Canada (RASC). Bij bestudeerde meet dan 5500 objecten met zijn 11 inch telescoop vanuit zijn waarneemplaats in Saskatchewan in Cananda. Kemble noteerde zijn waarnemingen uiterst zorgvuldig. Hij leefde van 1922 tot 1999. Om Kemble's Cascade te vinden begin je ten oosten van de W-vorm van Cassiopeia, bij de ster Caph. De trekt de afstand ongeveer twee maal door om bij Kemble's Cascade te komen. De groep sterren heeft een grootte van ongeveer 2.5° aan de hemel en omvat ongeveer 20 sterren op een bijna rechte lijn die zich van noorwest naar zuidoost beweegt. De sterren zijn van magnitude 7 tot 9 met een heldere ster van magnitude 5 ongeveer in het midden van de lijn. De groep sterren bevindt zich in het lastig te herkennen sterrenbeeld Camelopardalis aan de grens met Cassiopeia. Aan de zuidoostelijke punt van de groep sterren vinden we de open sterrenhoop NGC 1502. Deze open sterrenhoop bevat 25-30 sterren die met behulp van een kleine telescoop en een vergroting van ongveer 60-70 maal zijn te zien. De sterren van Kemble's Cascade hebben geen enkele relatie met elkaar. Het is een toevallige lijn aan de sterrenhemel die het beste met een verrekijker bekeken kan worden.

Zoekaart voor Kemble's CascadeZoekaart voor Kemble's Cascade

 

 

 

 

 

 

 

 

Kaart sterrenbeeld Camelopardalis

Kaart sterrenbeeld CamelopardalisKaart sterrenbeeld Camelopardalis

Download de sterrenkaart als pdf-bestand.

Joomla Business Templates by template joomla