Boeing gaat tweede test uitvoeren met onbemande CST-100 Starliner

De Boeing CST-100 na de landing in White Sands
De Boeing CST-100 Starliner na de landing in White Sands, New Mexico, zondag 22 december 2019. De landing is het einde van een verkorte Orbital Flight Test voor het bedrijf dat nog steeds voldoet aan verschillende missiedoelen voor NASA’s Commercial Crew programma. De Starliner werd met behulp van een Atlas V-raket van United Launch Alliance op vrijdag 20 december 2019 gelanceerd vanaf de lanceerbasis Cape Canaveral in Florida. Credit: NASA/Bill Ingalls

Boeing heeft geleerd van de mislukking van afgelopen jaar toen de onbemande CST-100 Starliner die het bedrijf voor NASA lanceerde niet in de juiste baan terecht kwam. Boeing wil dit jaar nog een tweede onbemande test uitvoeren voordat er daadwerkelijk astronauten gelanceerd gaan worden.

Samen met de Crew Dragon van concurrent SpaceX maakt de CST-100 Starliner van Boeing deel uit van het Commercial Crew Program van de NASA. Dit project is bedoeld als vervanging van de gepensioneerde Space Shuttle en moet het mogelijk maken dat astronauten van de NASA zonder hulp van de Russen weer de ruimte kunnen bereiken. In december 2019 kwam een onbemande versie van de Starliner niet in een juiste baan om het International Space Station te bereiken. De problemen zitten in de software van de Starliner en die hebben ertoe geleid dat een bemande test werd uitgesteld. De Crew Dragon van SpaceX heeft inmiddels zijn onbemande test met succes afgerond en ligt op schema voor de eerste bemande vlucht. Deze zal binnen enkele maanden plaatsvinden.

De problemen met de Starliner zijn dermate groot dat de volgende test op zijn vroegst in oktober of november zal plaatsvinden. Dit betekent dat een bemande lancering voor 2021 onwaarschijnlijk is. Boeing moet ongeveer 410 miljoen dollar uittrekken als gevolg van de vertragingen en het extra werk dat nodig is om de problemen in het ontwerp die tijdens de eerste test naar boven kwamen op te lossen.

NASA schreef in een verklaring akkoord te gaan met een tweede test. Bovendien werken experts van de NASA samen met Boeing om de problemen op te lossen.

Als Boeing een bemande vlucht had willen uitvoeren dan had NASA de haalbaarheid van dit plan tot in de kleinste details bestudeerd. Echter, Boeing heeft hier niet voor gekozen en dus wil de NASA niet speculeren over wat men geadviseerd zou hebben aangaande een bemande vlucht.

Tijdens de test kwamen er twee grote softwareproblemen naar boven. De eerste trad kort na de lancering op toen de Starliner de verkeerde klok gebruikte om te scheiden van de Atlas V raket en te veel brandstof verbruikte (laat staan ermee te koppelen) om het ISS te bereiken. De tweede fout trad kort voor de terugkeer in de atmosfeer op. Deze fout wordt een “high-visibility close call”’ genoemd door de NASA.

Deze fout werd halverwege de missie ontdekt en gerepareerd. Was dit niet gebeurd dan was het mogelijk geweest dat de Starliner tijdens de landing beschadigd was geraakt. NASA heeft gezegd dat er talloze momenten zijn geweest waarop de kwaliteitscontrole van Boeing deze fouten had moeten ontdekken en dat er verschillende momenten zijn geweest dat men de controle over de Starliner had kunnen verliezen. Nu heeft ook de Crew Dragon van SpaceX zijn problemen gehad maar die speelden niet tijdens de lancering naar de ruimte.

In een verklaring schreef Boeing dat het uitvoeren van een tweede onbemande test het mogelijk maakt dat alle testen afgemaakt kunnen worden en dat dit kan gebeuren zonder dat de belastingbetaler daarvoor opdraait. Pas daarna zal Boeing veilig astronauten naar het International Space Station kunnen vervoeren.

Volgens een zegsman zou Boeing een andere CST-100 Starliner klaar kunnen hebben staan die eventueel kort na een succesvolle tweede test gelanceerd kan worden.

Zowel de Crew Dragon als de CST-100 Starliner hadden overigens al in 2017 gereed moeten zijn.

Eerste publicatie: 7 april 2020
Bron: diverse persberichten