Het sterrenbeeld Perseus

Het sterrenbeeld Perseus is vernoemd naar de held Perseus uit de Griekse mythologie. Het sterrenbeeld bevindt zich aan de noordelijke sterrenhemel. Perseus behoort tot de 48 klassieke sterrenbeelden van Ptolemeus.

Het sterrenbeeld is bekend om de jaarlijkse meteorenzwerm de Perseïden maar ook voor de beroemde veranderlijke ster Algol – Beta Persei.

Perseus bevat verschillende interessante deep sky objecten waaronder Messier 34, de Dubbele sterrenhoop, de Californiënevel en de Kleine Halternevel.

Twee meteorenzwermen hebben hun radiant in het sterrenbeeld liggen: de Perseïden en de September Perseïden.

Perseus hoort samen met Andromeda, Auriga, Cassiopeia, Cepheus, Cetus, Lacerta, Pegasus en Triangulum tot de Perseusfamilie van sterrenbeelden.

Gegevens Sterrenbeeld

Nederlandse naamLatijnse naamAfkortingGenitief
PerseusPerseusPerPersei
ZichtbaarheidAugustus – April (aangegeven zijn de maanden waarin het sterrenbeeld om 22 uur boven de horizon staat) voor waarnemers tussen de 90-ste en de -35-ste breedtegraad
GrootteIn grootte is Perseus het 42-ste sterrenbeeld. Het sterrenbeeld beslaat een oppervlakte van 615 (°)2 aan de sterrenhemel.
OmgevingHet sterrenbeeld wordt omringd door Cassiopeia, Andromeda, Triangulum, Aries, Taurus, Auriga en Camelopardalis
Meteorenzwermende Perseïden

Gegevens sterren

1) Deze namen zijn geautoriseerd door de Internationale Astronomische Unie. Alleen de sterren die een naam hebben zijn opgenomen in het overzicht.

Ster

Naam

Betekenis

Helderheid
(magnitude)

Afstand
(lichtjaar)

α PerMirfak 1) of Marfak
Hindi: Yayati
Elleboog1,78593
β PerAlgol 1)lijken verslindend monster2,0692,92
ξ PerMenkib 1)Schouder3,961812,0
ο PerAtik 1)Schouder (van de Pleiaden)3,811482,6
het sterrenbeeld Perseus met de namen van de sterren
De namen van de sterren in het sterrenbeeld Perseus. Credit: Kuuke’s Sterrenbeelden

 

Mythologie

Perseus – afbeelding

Perseus was een zoon van Zeus (daar komt ook zijn naam vandaan: per Zeus). Zeus werd verliefd op Danae, de knappe dochter van Acrisius, de koning van Argos. Een orakel voorspelde dat Danae ooit een zoon zou baren die de koning zou doden. Arcitius hield zijn dochter daarom gevangen in een ivoren toren. Zeus wist van de knappe dochter en veranderde zichzelf in een regen van gouden stof en bezocht zo de cel van Danae.

Toen Perseus werd geboren stopte Acritius zijn dochter met haar zoon in een kist en wierp deze in zee. De kist spoelde aan op het eiland Seriphos en werd door de visser Dictys gevonden. Hij bracht beiden naar zijn broer Poludeuces, toevalligerwijs de koning van het eiland. Poludeuces voedde Perseus op als zijn zoon.

Perseus stichtte de stad Myconos op de Peloponnesus en werd de eerste koning van de stad. Tot zover het verhaal. In werkelijkheid werd de stad omstreeks 3000 v. Chr. gesticht, de grootste bloeiperiode kende de stad van 1650 tot 1400 V.Chr.

Perseus is vooral bekend doordat hij de Gorgon Medusa doodde en de redding van Andromeda. De Gorgonen waren drie zusters: Euryale, Stheino en Medusa. Oorspronkelijk waren ze alledrie even knap maar Medusa pleegde overspel met Poseidon, uitgerekend in de tempel van Athene. Deze was daarover zo boos dat ze Medusa veranderde in een afschrikwekkend lelijk monster. Onnodig om te zeggen dat Medusa niet populair was. Haar lelijke hoofd werd de ultieme jachttrofee. Wie het lukte haar hoofd af te hakken zou meteen een held zijn. Echter niemand durfde totdat Perseus een belofte deed aan Polydeuces.

Polydeuces wilde trouwen met Danae, de moeder van Perseus. Hij hield dit echter geheim en deed net alsof hij wilde trouwen met Hippodamaeia. Perseus vermoedde echter dat hij met Danae wilde trouwen daarom zij hij tegen Polydeuces dat hij alles voor hem zou doen indien hij met Hippodamaeia zou trouwen. Hij zou hem zelfs het hoofd van Medusa geven.

Athene had dit gesprek gevolgd en zij zag haar kans schoon: eindelijk iemand die haar ergste vijand wilde doden. Zij bracht Perseus naar het eiland Samos, alwaar de Gorgonen woonden. Ze liet Perseus een afbeelding zien van de drie zodat hij wist wie hij moest doden. Ze waarschuwde hem voor de blik van Medusa: als zij hem zou aankijken zou hij onmiddellijk verstenen. Ze gaf hem als bescherming een helder reflecterend schild.

Gelukkig kreeg Perseus meer hulp: Hermes gaf hem een sikkel. Veder stal hij bij de nimfen in de Styx gevleugelde sandalen, een helm die hem onzichtbaar zou maken en een speciale tas waar hij het hoofd van Medusa in zou bewaren.

Hij verraste de Gorgonen in hun slaap en sneed met behulp van de sikkel het hoofd van Medusa af, op dat moment vloog het gevleugelde paard Pegasus uit de mond van Medusa weg. Met hulp van de gevleugelde sandalen wist Perseus te ontkomen. Op zijn vlucht kwam hij langs Andromeda die naakt was vastgebonden aan een rots in de zee, geofferd aan een zeemonster. Perseus gooide het op een akkoordje met Cepheus en Cassiopeia (de ouders van Andromeda): als hij haar zou redden mocht hij met haar trouwen.

Nadat hij het zeemonster had verslagen en Andromeda had gered veranderde Cassiopeia van gedachte. In het gevecht dat hierop volgde nam Perseus drastische maatregelen: hij haalde het hoofd van Medusa uit de tas en onmiddellijk versteenden Cepheus, Cassiopeia.

Perseus nam zijn kersverse bruid mee naar Seriphos alwaar hem een nieuwe bedreiging wachtte. Zijn moeder Danae was naar een tempel gevlucht om te voorkomen dat ze met Polydeuces moest trouwen. Terwijl Polydeuces een groot feest gaf ging Perseus naar zijn paleis en gaf hem zoals beloofd zijn huwelijkscadeau. Hij liet het hoofd van Medusa aan de gasten zien die daarna allemaal versteenden.

Enige tijd later doodde een discus geworpen door Perseus op een feest zijn grootvader Acrisius en zo kwam de voorspelling door het orakel nog uit.

Perseus op oude sterrenkaarten

Perseus – uit de Uranometrica van Johann Bayer uit 1603

Perseus – uit de Atlas Celeste van John Bevis (ca. 1750)

Perseus – uit de Uranographia van Hevelius (ca. 1690)

Perseus – uit Urania’s Mirror (ca. 1825). In zijn heeft heeft Perseus het hoofd van de gorgon Medusa die hij versloeg. Dit sterrenbeeldje – Caput Medusa – is tegenwoordig niet meer in gebruik.

Ondanks dat de sterren redelijk helder zijn valt het sterrenbeeld Perseus niet echt op aan de sterrenhemel. Perseus bevat verschillende leuke dubbelsterren en enkele mooie deep sky objecten.

De sterren van Perseus

Alpha Persei – α Persei – Mirfak – Algenib
Alpha Persei heeft een visuele helderheid van magnitude 1,8, de ster bevindt zich op een afstand van ongeveer 510 lichtjaar. Mirfak is voor ons een circumpolaire ster die nooit onder gaat. De ster bevindt zich in een open sterrenhoop die de Alpha Persei Cluster wordt genoemd. Deze open sterrenhoop is zichtbaar met behulp van een verrekijker. Alpha Persei heeft een massa van 7,3 zonsmassa en heeft een grootte van 60 * de Zon. De ster is 5000 * zo helder als de Zon.

De traditionele naam van de ster, Mirfak of Algenib, betekent “elleboog” en “flank” of “zijde” in het Arabisch. Ook Gamma Pegasi in het nabije sterrenbeeld Pegasus wordt soms Algenib genoemd.

Beta Persei – β Persei – Algol
Algol, de Duivelsster is een van de best bekende sterren aan de sterrenhemel. Het is de allereerste eclipserende dubbelster die werd ontdekt en ook een van de allereerste veranderlijke sterren die werd gevonden.

Beta Persei is in feite een drievoudig stersysteem bestaande uit Beta Persei A die door Beta Persei B wordt bedekt. De visuele helderheid van het systeem is gemiddeld magnitude 2,1 maar zakt iedere 2 dagen, 20 uur en 49 minuten naar magnitude 3,4 en blijft dan gedurende ongeveer 10 uur zwakker.

Een tweede verduistering gebeurd als de hoofdster de begeleider bedekt. Algol is het prototype van sterren die we de Algol-veranderlijken noemen.

Algol A behoort tot spectraalklasse B, Algol B behoort tot spectraalklasse K en Algol C is een ster van spectraalklasse A. Algol A en Algol B zijn slechts 0,062 Astronomische Eenheden van elkaar gescheiden en Algol C bevindt zich op een afstand van 3,69 Astronomische Eenheden van dit stel.

De ontdekking dat Algol een dubbelster is en een nadere bestudering van de verschillende componenten zorgde destijds voor opwinding onder astronomen die er altijd van uit waren gegaan dat de snelheid van de evolutie van een ster afhankelijk is van zijn massa. En ofschoon Algol A zwaarder is bevindt de ster zich nog steeds op de hoofdreeks terwijl Algol B als minder zware ster zich al van de hoofdreeks af begint te bewegen en tot een reuzenster aan het evolueren is. Men denkt dat dit komt doordat de zware ster zijn Roche-gebied heeft gevuld waardoor materie wordt verplaatst naar de andere ster (het Roche-gebied is de ruimte rond een ster in een dubbelstersysteem waarbinnen materiaal dat rond de ster draait door middel van de zwaartekracht is gebonden aan de ster. Als de ster expandeert tot voorbij dit gebied dan kan materie aan de aantrekkingskracht ontsnappen.)

Het Algol-systeem zendt ook röntgen- en radiostraling uit. Men denkt dat de röntgenstraling wordt opgewekt doordat het magneetveld van de twee sterren tijdens het verplaatsen van materie op elkaar reageert en de radiogolven ontstaan vermoedelijk tijdens een magnetische cyclus waardoor de magneetvelden van de sterren meer dan tien keer sterker zijn dan dat van de Zon.

Algol heeft een visuele helderheid van magnitude 2,1 en bevindt zich op een afstand van 92,8 lichtjaar van de Zon. Over ongeveer 7,3 miljoen jaar passeert de ster ons op een afstand van slechts 9,8 lichtjaar en dan zal de visuele helderheid ongeveer magnitude -2,5 bedragen waarmee de ster veel helderder is dan Sirius die op dit moment de helderste ster aan de sterrenhemel is.

De traditionele naam van de ster, Algol, komt van het Arabische “ra’s al-ghul” en dat betekent “het hoofd van de demon”. In de Arabische traditie werd de ster geassocieerd met een boze geest en in de Griekse mythologie met het hoofd van de Gorgoon Medusa. In het Hebreeuws is de ster bekend als het hofd van de duivel oftewel “Rõsh ha Sãtãn”. In de 16-de eeuw kreeg de ster de Latijnse naam Caput Larvae en de Chinezen kenden de ster als “de Vijfde Ster van het Mausoleum” oftewel “Tseih She”en dat betekent “opgestapelde lijken”.

Zeta Persei – ζ Persei – Atik – Minkhib
Zeta Persei is een ster van spectraalklasse B. de ster heeft een visuele helderheid van magnitude 2,9 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 750 lichtjaar. De ster heeft een lichtkracht van 47.000 * de Zon. Op een afstand van 12,9 boogsecondes bevindt zich een begeleider van de 9-de magnitude. Omdat de beide sterren dezelfde eigenbeweging hebben en in dezelfde richting bewegen neemt men aan dat ze bij elkaar horen.

Epsilon Persei – ε Persei
Epsilon Persei bestaat uit verschillende sterren. Het systeem heeft een gezamenlijke visuele helderheid van magnitude 2,9 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 640 lichtjaar van de Zon. De hoofdster is een Beta Cephei-veranderlijke ster met een pulsatieperiode van 0,16 dagen. ε Persei is een moeilijke dubbelster omdat de begeleider redelijk zwak is: magnitude 2,9 en 8,1. Ze staan 8,8” van elkaar vandaan.

De twee hoofdcomponenten draaien met een periode van 14 dagen om elkaar heen. Er is mogelijk nog een derde ster aanwezig maar die is niet bevestigd. De hoofdster is een ster van spectraalklasse B die ongeveer 28.000 * meer licht uitzendt dan de Zon. De tweede ster is veel kleiner en heeft een massa tussen 6 en 13% van de hoofdcomponent.

Gamma Persei – γ Persei
Gamma Persei is een dubbelster met een gecombineerde helderheid van magnitude 2,9 die ongeveer 243 lichtjaar van ons is verwijderd. Gamma Persei bestaat uit een hoofdster van spectraalklasse G en een begeleider van spectraalklasse A. het is een wijde eclipserende dubbelster met een periode van 14,6 jaar. Tijdens een bedekking neemt de helderheid 0,55 magnitude af.

Delta Persei – δ Persei
Delta Persei is een dubbelster met een visuele helderheid van magnitude 3,0 die ongeveer 150 miljoen lichtjaar van ons is verwijderd. De hoofdcomponent behoort tot spectraalklasse B. De ster heeft een massa van 7 zonsmassa die met een snelheid van 190 kilometer per seconde heel snel om zijn as draait.

Delta Persei is een dubbelster, mogelijk zelfs een drievoudige ster. Er is een visuele begeleider op een afstand van 0,33 boogseconden zichtbaar. Deze begeleider heeft een visuele helderheid van magnitude 6,2.

Rho Persei – ρ Persei – Gorgonea Tertia
Rho Persei is een semiregelmatige veranderlijke ster van het Mu Cephei-type. De ster heeft een gemiddelde visuele helderheid van magnitude 3,4 en bevindt zich op een afstand van 308 lichtjaar van de Zon. De helderheid van de ster varieert tussen magnitude 3,3 en 4,0. Rho Persei heeft een massa van 5 zonsmassa en een straal van 150 * de straal van de Zon. De lichtkracht bedraagt 2290 * de Zon en de leeftijd van de ster wordt geschat op ongeveer 440 miljoen jaar.

De traditionele naam van de ster, Gorgonea Tertia, refereert aan de mythe over Perseus en de Gorgonen. De ster vertegenwoordigt de derde Gorgoonse zus in het sterrenbeeld.

Eta Persei – η Persei – Miram
Miram bevindt zich op een afstand van ongeveer 1330 lichtjaar van de Zon. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 3,8 en heeft een lichtkracht van ongeveer 35.000 * de Zon.

Kappa Persei – κ Persei – Misam
Misam bevindt zich op een afstand van ongeveer 112 lichtjaar van de Zon. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 3,8. het is een drievoudige dubbelster bestaande uit een spectroscopische dubbelster en een begeleider in een wijdere baan.

Nu Persei – ν Persei
Nu Persei is een ster van spectraalklasse F die een visuele helderheid heeft van magnitude 3,8 en ongeveer 556 lichtjaar van ons is verwijderd.

Omicron Persei – ο Persei – Atik
Omicron Persei is een spectroscopische dubbelster. De beide sterren draaien met een periode van 4,5 dagen om elkaar heen. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 3,8 en bevindt zich op een afstand van 1000 – 1600 lichtjaar van de Zon.

De naam Atik is in de science fiction veel gebruikt. De naam komt onder andere voor in de tv serie Futurama, in Transformers en in Star Trek.

Xi Persei – ξ Persei – Menkib
Menkib heeft een visuele helderheid van magnitude 4,0 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 1800 lichtjaar. De ster heeft een massa van 40 zonsmassa.

De traditionele naam van de ster, Menkib, betekent “schouder” in het Arabisch.

Phi Persei – φ Persei – Seif
Phi Persei is een dubbelster en tevens een veranderlijke ster. Seif bevindt zich op een afstand van ongeveer 716 lichtjaar van de Zon. De hoofdcomponent heeft een visuele helderheid van magnitude 4,0

Iota Persei – ι Persei
Iota Persei heeft een visuele helderheid van magnitude 4,1 en bevindt zich op een afstand van 34,4 lichtjaar van de Zon. De ster heeft een relatief grote eigenbeweging van 92 kilometer per uur ten opzichte van de Zon.

Theta Persei – θ Persei
Theta Persei is een dubbelster op een afstand van 36,6 lichtjaar. De helderste ster heeft een helderheid van magnitude 4,1 en de begeleider is van de 10-de magnitude. Beide sterren zijn 250 Astronomische Eenheden van elkaar verwijderd.

Psi Persei – ψ Persei
Psi Persei heeft een visuele helderheid van magnitude 4,3 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 580 lichtjaar. De ster is omringd door een schijf van stof ter hoogte van zijn evenaar. Psi Persei draait met een snelheid van 390 kilometer per uur erg snel om zijn as. Men denkt dat de ster deel uit maakt van de Alpha Persei groep van sterren.

Omega Persei – ω Persei – Gorgonea Quarta
Omega Persei bevindt zich op een afstand van ongeveer 305 lichtjaar van de Zon. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 4,6.

Pi Persei – π Persei – Gorgonea Secunda
Pi Persei bevindt zich op een afstand van ongeveer 362 lichtjaar van de Zon. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 4,7.

1 Aurigae – HR 1533
1 Aurigae heeft een visuele helderheid van magnitude 4,9 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 520 lichtjaar.

1 Aurigae was de eerste ster van het sterrenbeeld Auriga – Voerman die John Flamsteed aan catalogus toevoegde. Sinds 1930 behoort de ster tot het sterrenbeeld Perseus toen Eugène Delporte de grens tussen de twee sterrenbeelden recht trok. De ster wordt nu meestal HR 1533 genoemd.

X Persei
X Persei heeft een visuele helderheid van magnitude 6,8. Het is een dubbelstersysteem op een afstand van ongeveer 2700 lichtjaar van de Zon. De ster is bekend omdat de begeleider een neutronenster is, X Persei B.

Nova Persei 1901 – GK Persei
Nova Persei 1901 was een heldere nova die in 1901 zichtbaar was. De nova bereikte een maximale helderheid van magnitude 0,2 en het was daarmee tot 1918, toen Nova Aquilae 1918 zichtbaar was, de helderste.

De nova zwakte af tot een helderheid van magnitude 12 tot 13 maar had nog af en toe uitbarstingen van 2-3 magnitudes. De laatste 30 jaar zijn die uitbarstingen redelijk regelmatig geworden. Ze treden om de drie jaar op en ze duren dan ongeveer 2 maanden. Hiermee is het geen typische nova maar meer een dwergnova-type cataclysmisch veranderlijke ster. Nova Persei 1901 bevindt zich op een afstand van ongeveer 1500 lichtjaar.

V713 Persei
713 Persei is een nog jonge ster die zich in de jonge open sterrenhoop IC 348 bevindt. De ster wordt iedere 4,7 jaar bedekt door een nog onbekend object. Men vermoedt dat het een planeet is met een massa van minimaal 6 * Jupiter die 3,3 Astronomische Eenheden van de ster is verwijderd.

R Persei
R Persei is een langperiodieke veranderlijke. De periode bedraagt 210 dagen en de helderheid wisselt dan van 8,1 tot 14,8.

S Persei
S Persei is een veranderlijke met een periode van 822 dagen. De helderheid varieert tussen 7,9 en 12.

 

IAU-kaart van het sterrenbeeld Perseus
IAU-kaart van het sterrenbeeld Perseus

Download de kaart van het sterrenbeeld Perseus.

De deep sky objecten in Perseus

Messier 34 – M34 – NGC 1039

M34 in het sterrenbeeld Perseus

Andere benamingen: M34, NGC 1039
Type Object: open sterrenhoop
Afstand: 1400 lichtjaar
Visuele helderheid: 5.5
Schijnbare grootte: 35 boogminuten

De sterren die deel uitmaken van deze groep begonnen 180 miljoen jaar geleden aan hun gezamenlijke reis door ons melkwegstelsel. Ze zijn een deel geweest van de Lokale Associatie: groepen sterren zoals de Pleiaden, de Alpha Perseï sterrenhoop, de delta Lyrae sterrenhoop, die allemaal dezelfde oorsprong hebben maar die in de loop der tijd uit elkaar zijn gedrift. Van de 354 sterren in dit gebied behoren er 89 daadwerkelijk tot de sterrenhoop. Ongeveer de helft van de sterren lijkt optisch dubbel te zijn. In het gebied zijn 44 potentiële witte dwergsterren gevonden, 19 zijn er inmiddels bevestigd.

Met behulp van een verrekijker is M34 relatief eenvoudig te vinden: ongeveer 2 beeldvelden te noordwesten van Beta Perseï (Algol). In een verrekijker lijkt de open sterrenhoop een beetje op een X. Onder hele goede omstandigheden is de sterrenhoop met het blote oog te zien. Zelfs in lichtvervuilde gebieden of in de aanwezigheid van storend maanlicht is het mogelijk de sterrenhoop te vinden.

Messier 34 is waarschijnlijk in 1764 voor het eerst waargenomen door Giovanni Batista Hodierna en onafhankelijk door Messier op 25 augustus 1764 herontdekt. Messier schreef: ik heb de positie bepaald van een kleine groep sterren tussen het hoofd van Medusa en de linkervoet van Andromeda, bijna parallel aan de ster Gamma Andromedae. De sterren zijn al zichtbaar in een kleine refractor en de groep heeft een doorsnede van 15 boogminuten. William Herschel telde 120 sterren en merkte op dat de meeste sterren in paren voorkomen. Hij vermoedde dat er nog meer sterren aanwezig zijn die buiten het bereik van zijn telescoop liggen. De opvallendste optische dubbelster, gelegen in het centrum van de sterrenhoop, werd op 23 december 1831 als H 1123 door John Herschel gecatalogiseerd.

Messier 76 – M76 – NGC 650 & NGC 651 – de Kleine Halternevel

M76 in het sterrenbeeld Perseus

Andere benamingen: M76, NGC 650/651, Kleine Halter-nevel, Kurk-nevel, Vlinder-nevel
Type object: planetaire nevel
Afstand: 3400 lichtjaar
Visuele helderheid: 10.1
Schijnbare grootte: 2.7 * 1.8 boogminuten

M76 is een kleine en zwakke planetaire nevel en daarom geen geschikt object voor verrekijkers. Zelfs als je een telescoop hebt is een donkere nacht onontbeerlijk. De gemakkelijkste manier om M76 te vinden is te starten bij de ster 51 Andromedae, deze ster is van magnitude 3.5. Vanaf deze ster reis je een vingerbreedte (2 graden) noord-noordoost om bij de ster Phi Persei te komen (magnitude 4). Messier 76 bevindt zich minder dan één graad ten noordwesten van deze ster. In een kleine telescoop is er het begin van een nevel zichtbaar. Met het groter worden van de telescoop zul je ook meer structuur kunnen waarnemen. Heb je een fikse telescoop dan is ook de dubbele gelobde structuur zichtbaar en een additionele halo maar dan moeten de omstandigheden wel goed zijn: geen storend maanlicht en geen lichtvervuiling in de buurt.

M76 is het restant van een stervende ster, een nova-explosie. De centrale ster die dit alles heeft veroorzaakt heeft een helderheid van magnitude 16.6 en een temperatuur van 60.000 Kelvin. Deze temperatuur zal langzaamaan afnemen en de ster zal haar leven eindigen als een witte dwerg. De nevel is uitgebreid bestudeerd door de Spitzer telescoop.

De planetaire nevel werd in de nacht van 5 september 1780 door Pierre Mechain ontdekt. Hij overhandigde zijn aantekeningen aan Charles Messier die de nevel ook waarnam en een uitgebreide positiebepaling uitvoerde. Messier werd op 21 oktober 1780 als het 76-ste object aan zijn catalogus toegevoegd. Messier omschreef M76 als: bevattende sterren met een spoor van neveligheid. Moeilijk zichtbaar, het minste spoortje van verlichting van de micrometer doet de nevel verdwijnen.

In 1787 observeerde ook William Herschel M76 en hij was de eerste die de dubbel vorm opmerkte: twee nevels dicht bij elkaar, beiden erg helder. Eentje wijst zuidwaarts, de andere wijst noordwaarts. Eén van de twee moet het 76-ste object van Charles Messier zijn. Vanaf die tijd zagen veel waarnemers twee verschillende gebieden ondanks dat we te maken hebben met één object. M76 heeft dan ook twee NGC-nummers toegekend gekregen. Eigenlijk niet helemaal terecht. het was de astronoom Heber Doust Curtis die er als eerste een planetaire nevel in herkende.

De Dubbele Sterrenhoop: NGC 869 & NGC 884

NGC 869 & NGC 884 – de Dubbele Sterrenhoop – in het sterrenbeeld Perseus

De Dubbele Sterrenhoop (Caldwell 14) in Perseus is één van de mooiste objecten aan de nachtelijke sterrenhemel. Deze twee open sterrenhopen behoren tot de jongste in ons melkwegstelsel die we kennen. Ze bestaan uit heldere reuzensterren met mooie contrasterende kleuren.

De open sterrenhopen zijn onder hele goede weersomstandigheden met het blote oog zichtbaar als een wazige vlek 4 graden ten noordoosten van η Persei.

De open sterrenhopen waren al in de antieke oudheid bekend als een zwakke wolk in het noordelijke deel van de Melkweg. William Herschel ontdekte met zijn grote telescopen als eerste de ware aard van deze objecten. De open sterrenhopen staan nu in de catalogus als NGC 884 en NGC 869.

Iedere sterrenhoop bevat ongeveer 300 sterren waarvan er diverse meer dan 50.000 maal zo helder zijn als onze Zon. Vermoedelijk zijn beide sterrenhopen ontstaan uit dezelfde moleculaire gaswolk in de Perseus-arm van onze Melkweg. De ouderdom wordt geschat op 3-5 miljoen jaar en daarmee behoren ze tot de jongste sterrenhopen die we kennen. De Pleiaden bijvoorbeeld zijn meer dan 100 miljoen jaar oud.

De sterrenhopen bevinden zich op een afstand van ± 7000 lichtjaar en ze hebben aan de hemel een doorsnede van 1.5 – 2.0 graden. Om ze volledig te zien in een telescoop gebruik je dus een hele kleine vergroting. Door een telescoop bekeken komen de verschillende kleuren van de sterren ook goed tot hun recht: saffierblauw, topaas, wit en rood. Het zijn jonge sterrenhopen maar ze bevatten al rode reuzensterren die het einde van hun leven naderen en als een supernova zullen gaan exploderen.

Zouden de twee open sterrenhopen op dezelfde afstand van ons vandaan staan als de Pleiaden dan zouden ze meer dan een kwart van de noordelijke sterrenhemel beslaan en veel van de 600 sterren zouden net zo helder zijn als de ster Wega van het sterrenbeeld Lier (Lyra).

In de mythologie representeren de beide sterrenhopen het met diamanten bezette heft van het zwaard van Perseus.

NGC 1499 – de Califonië-nevel

NGC 1499 in het sterrenbeeld Perseus

NGC 1499, ook wel bekend als de Californië nevel is een emissienevel 1° ten noorden van ζ Persei. De nevel is erg lichtzwak en moeilijk te vinden. NGC 1499 heeft een visuele helderheid van magnitude 6,0 en is ongeveer 1000 lichtjaar van ons verwijderd. De nevel heeft een grootte van ongeveer 2,5° en is niet bijzonder helder waardoor het lastig is om de nevel waar te nemen. De nevel werd in 1884 voor het eerst waargenomen door de Amerikaanse astronoom E.E. Barnard. De nevel heeft zijn bijnaam te danken aan de vorm die lijkt op de Amerikaanse staat Californië.

De Perseus Cluster Abell 426 – Caldwell 24

De Perseus Cluster in het sterrenbeeld Perseus

De Perseus Cluster van sterrenstelsels. Links op de foto NGC 1275 (Caldwell 24) met zijn vreemde uiterlijk. Dit stelsel herbergt in zijn kern vermoedelijk enkele zeer zware gaten: astronomen kunnen zien dat NGC1275 andere melkwegstelsels aantrekt. Rechts in het midden NGC 1268, een spiraalvormig melkwegstelsel waar we boven op kijken.De Perseus Cluster bevindt zich op een geschatte afstand van 250 miljoen lichtjaar. De cluster is alleen zichtbaar op lang belichte opnames gemaakt met grotere telescopen.

De Perseus moleculaire wolk
De Persues Moleculaire Wolk is een enorme meleculaire wolk op een afstand van ongeveer 600 lichtjaar van de Zon. De wolk heeft een grootte van 6’ * 2’ en is niet heel erg helder. Er komen twee open sterrenhopen in voor die wel helder zijn: IC 348 en NGC 1333. In beide open sterrenhopen ontstaan sterren met een lage massa.

NGC 1333
NGC 1333 is een reflectienevel in de Perseus Moleculaire Wolk. De nevel heeft een visuele helderheid van magnitude 5,6 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 1000 lichtjaar.

NGC 1260
NGC 1260 is een spiraalvormig sterrenstelsel dat ongeveer 250 miljoen lichtjaar van ons is verwijderd. Het stelsel heeft een visuele helderheid van magnitude 1403. In 2006 was supernova SN 2006gy zichtbaar in het stelsel.

3C 83.1B
3c 83.1B is een radiostelsel in de Perseus Cluster. Het elliptische stelsel NGC 1265 maakt deel uit van dit radiostelsel. Het sterrenstelsel heeft een visuele helderheid van magnitude 12,6.

NGC 1275 – Caldwell 24 – Perseus A
NGC 1275 is een Seyfertstelsel dat overeenkomt met het radiostelsel Perseus A dat zich in het centrum van de Perseus cluster bevindt. NGC 1275 zendt veel radio- en röntgenstraling uit en men neemt aan dat in het centrum een supermassief zwart gat huist.

NGC 1275 heeft een visuele helderheid van magnitude 12,6 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 237 miljoen lichtjaar. In feite bestaat NGC 1275 uit twee aparte stelsels. Het ene is een gigantisch elliptisch stelsel dat wordt omringd door een halo van sterren en het andere stelsel is een sterrenstelsel dat zich ongeveer 200.000 lichtjaar voor het elliptische stelsel bevindt.

NGC 1275 is het grootste lid van de Perseus cluster. Het heeft een doorsnede van meer dan 100.000 lichtjaar.

NGC 1058
NGC 1058 heeft een visuele helderheid van magnitude 11,8 en het bevindt zich op een afstand van ongeveer 27,4 miljoen lichtjaar. Het stelsel verwijderd zich van ons met een snelheid van 518 kilometer per seconde. NGC 1058 is een Seyfert-stelsel.

De meteorenzwerm der Perseïden

In een poging het volk aan zich te laten gehoorzamen gaf keizer Valerius in 258 na Christus opdracht om tientallen leiders van de Katholieke kerk te laten vermoorden. Onder hen was één van de zeven decanen van Rome, de toen pas 33 jarige Laurentius. Hij werd levend geroosterd op een ijzeren plaat. Laurentius riep daar bij uit: “Ik ben al aan één zijde geroosterd. Als je me goed doorbakken wil hebben wordt het tijd om me om te draaien.”

Met dit dappere commentaar werd hij tot heilige benoemd en werd St. Laurentius de patroon van de komedianten en toneelspelers. Hij stierf op 10 augustus, de nacht dat er ook veel vallende sterren te zien zijn. In het oude Europa werd deze meteorenzwerm dan ook de “tranen van Laurentius” genoemd. Wij noemen de mooiste meteorenzwerm van het jaar “de Perseïden”. Ze zijn zichtbaar van eind juli tot midden augustus.

Net zoals alle andere meteorenzwermen zijn de Perseïden stofdeeltjes die door een komeet zijn achter gelaten. In dit geval de komeet Swift-Tuttle. Als de Aarde zich door de stofbanen beweegt die deze komeet heeft achtergelaten dan zijn er deeltjes die verbranden in onze atmosfeer. Het lichtende spoor dat ze achterlaten noemen we een meteoor. De kleine deeltjes verbranden allemaal in de atmosfeer. Het is maar zelden dat een deeltje het aardoppervlak raakt. Er zijn ook stofdeeltjes die de Maan raken maar dit is nagenoeg niet te zien.

Voor de waarnemer op Aarde lijkt het erop alsof alle meteoren afkomstig zijn uit één punt aan de hemel. Dit vluchtpunt noemen we radiant. Je kan het effect vergelijken met sneeuwvlokken die op je afkomen als je door een sneeuwbui heenrijdt. De radiant van de Perseïden ligt in het sterrenbeeld Perseus, vandaar hun naam. Zie je een meteoor waarvan je de richting niet kan herleiden naar dit vluchtpunt dan is het geen Perseïde.

De Perseïden komen langzaam op gang. Vanaf eind juli kan je er gemiddeld een 3 – 4 per uur zien. De piek ligt in de nacht van 11 op 12 augustus als de Aarde zich door het dichtste deel van het komeetstof beweegt. Tijdens het maximum, kan je op een donkere plek en als er geen storend maanlicht is, wel een 60 per uur zien.

Meteoren waarnemen is redelijk eenvoudig. Vermijdt omgevingslicht. Leg een deken op de grond of kies voor een gemakkelijke ligstoel. Je hebt geen telescoop of verrekijker nodig. Je hoeft niet richting Perseus te kijken omdat de meteoren van alle kanten kunnen komen (zolang hun vluchtpunt maar herleidbaar is naar Perseus is het een Perseïde)

 

Eerste publicatie: 25 juli 2009
Laatste keer gewijzigd op: 10 december 2017