Het sterrenbeeld Canis Minor – Kleine Hond

Canis Minor is een sterrenbeeld aan de noordelijke sterrenhemel. De naam betekent Kleine Hond. Het sterrenbeeld verbeeldt één van de honden die de jager Orion volgen. De andere hond wordt voorgesteld door Canis Major.

Canis Minor behoort tot de 48 klassieke sterrenbeelden van Ptolemeus. Het werd door Ptolemeus in de tweede eeuw opgenomen in zijn steratlas.

Gegevens Sterrenbeeld

Nederlandse naamLatijnse naamAfkortingGenitief
Kleine HondCanis MinorCMiCanis Minoris
ZichtbaarheidNovember – Mei voor waarnemers tussen de +90-ste en -75-ste breedtegraad (opgenomen zijn de maanden waarin het sterrenbeeld om 22 uur boven de horizon staat)
GrootteIn grootte is Canis Minor het 71-ste sterrenbeeld. Het sterrenbeeld beslaat een oppervlakte van 183(°)2 aan de hemel.
OmgevingHet sterrenbeeld wordt omringd door Monoceros, Gemini, Cancer en Hydra
MeteorenzwermenDe Canis Minoriden

Gegevens sterren

1) Deze namen zijn geautoriseerd door de Internationale Astronomische Unie. Alleen de sterren die een naam hebben zijn opgenomen in het overzicht.

Ster

Naam

Betekenis

Helderheid
(magnitude)

Afstand
(lichtjaar)

α CMiProcyon. 1)
Hindi: Prashva
Maori: Puangahori
voor de Hond0,3411,41
β CMiGomeisha 1)De vrouw met de blauwe ogen2,87170,3
Canis Minor - namen van de sterren
Canis Minor – klik op de afbeelding voor een kaart met de namen van de sterren

 

Beschrijving

Canis Minor

Canis Minor bevat geen Messier-objecten. Ook kent het sterrenbeeld geen sterren waarvan bekend is dat ze een planeet hebben. Er is wel een meteorenzwerm bekend die de Canis Minoriden wordt genoemd.

Canis Minor behoort samen met Canis Major, Lepus, Monoceros en Orion tot de Orion familie van sterrenbeelden.

In de mythologie wordt Canis Minor meestal als één van de honden van Orion beschreven maar er zijn ook verwijzingen naar Maera, de hond van de wijnmaker Icarius die door vrienden werd gedood nadat ze dronken waren geworden van zijn wijn. Ze hadden nooit wijn gehad en ze dachten dat Icarius hun wilde vergiftigen.

Maera vond het ontzielde lichaam van Icarius en rende naar zijn dochter Erigone toe. Zowel dochter als hond waren zo verdrietig dat ze zelfmoord pleegden. Erigone hing zichzelf op en de hond sprong van een klif af. Zeus plaatste hen later aan de sterrenhemel. In deze versie van het mythologische verhaal wordt Icarius geassocieerd met Bootes, de Ossenhoeder en Erigone met het sterrenbeeld Virgo -de Maagd en Maera met Canis Minor – de Kleine Hond.

De schrijver Hyginus die leefde rond het jaar nul, haalde het verhaal enigszins door elkaar. Hij schreef dat de moordenaars van Icarius naar het eiland Ceos ontsnapten en dat het eiland, als straf voor hun daden, wordt getroffen door ziektes en hongersnood die werden toegeschreven aan de verzengende Hondsster Sirius (Procyon wordt hier verwisseld met Sirius die zich in het sterrenbeeld Canis Major bevindt.)

Toen koning Aristaeus van Ceos de god Apollo, die tevens zijn vader was om advies vroeg hoe hij zijn bevolking van de hongerdood kon redden werd hem gezegd dat hij tot Zeus moest bidden. Toen Aristaeus dit deed stuurde Zeus Etesiaanse winden naar het eiland toe. Ieder jaar, zo vertelt het verhaal, waaien deze Etesiaanse winden gedurende 40 dagen over Griekenland en de eilanden heen en bieden ze verkoeling gedurende de Hondsdagen in de zomer.

In nog een andere mythe wordt Canis Minor gezien als de Teumessiaanse vos. Deze vos kon niet worden ontlopen en werd uiteindelijk door Zeus in steen veranderd. Ook zijn jager Laelaps werd in steen veranderd. Laelaps was een hele snelle hond die altijd zijn prooi kon vangen. In de mythe wordt Laelaps voorgesteld als Canis Major. Ter herinnering aan deze twee snelle dieren plaatste Zeus ze als Canis Minor en Canis Major aan de hemel.

De Sterren van Canis Minor

Procyon – α Canis Minoris (Alpha Canis Minoris)

Procyon is de helderste ster van Canis Minor en het is de zevende helderste ster aan de hemel. Procyon heeft een visuele helderheid van magnitude 0,34. Procyon is niet extreem helder door zichzelf maar de ster bevindt zich redelijk dicht bij de Zon. De afstand bedraagt slechts 11,41 lichtjaar. Procyon is daarmee de 13-de meest nabije ster tot de Zon.

De naam van de ster stamt af van het Griekse προκύον (prokyon); dit betekent “voor de hond”, de ster wordt ook soms Antecanis genoemd hetgeen ook “voor de hond” betekent. De ster heeft deze naam gekregen omdat hij voor Sirius, de Hondsster, opkomt als je vanaf de noordelijke breedtegraden de sterrenhemel bekijkt.

Procyon is een dubbelster. Procyon A is een witte hoofdreeksster van spectraalklasse F. Procyon B is een zwakke witte dwerg. Procyon heeft een massa van 1,4 zonsmassa en heeft een lichtkracht van 7,5 maal de Zon. Procyon B moet het doen met een massa van 0,6 zonsmassa en een visuele helderheid van magnitude 10,7. De witte dwerg is naar schatting tweemaal zo groot als de Aarde en werd pas in 1896 gescheiden waargenomen. De omloopsnelheid bedraagt 40,65 jaar. De afstand bedraagt 4,6″.

Astronomen gaan er vanuit dat er geen leven mogelijk is in het dubbelstersysteem omdat er door de aanwezigheid van de witte dwerg, in de bewoonbare zone om de ster geen stabiele banen mogelijk zijn. Daarnaast straalt Procyon in het ultraviolet nogal veel straling uit en die straling is schadelijk voor levensvormen.

Procyon vormt samen met Sirius in het sterrenbeeld Canis Major en Betelgeuze in het sterrenbeeld Orion de Winterdriehoek. Daarnaast maakt Procyon deel uit van de Winterzeshoek die verder uit de sterren Capella in Auriga – Voerman, Aldebaran in Taurus – Stier, Castor en Pollux in Gemini – Tweelingen, Rigel in Orion en Sirius in Canis Major – Grote Hond, bestaat.

 Ook in oude culturen komen verwijzingen naar Procyon voor. Zo noemden Chinese astronomen de ster Nan Ho, de Zuidelijke Rivier. Ulug Bey, heerser en astronoom van de Timoeriden een volk in het huidige Iran, de ster Al Shi’ra al Shamiyyah.

Culturen die leefden in het gebied van de Eufraat noemden de ster Kakkab Paldera en dat betekent vrij vertaald “de ster van de kruising van de waterhond”. Dit refereert naar de nabijheid van de melkwegband aan de sterrenhemel.

De uitvinding van de telescoop zorgde er voor dat men sterren veel beter kon bestuderen. In 1718 ontdekte Edmond Halley dat Procyon, samen met sterren als Arcturus en Sirius, zich gedurende de eeuwen merkbaar hadden verplaatst ten opzichte van andere sterren. Dit leidde tot de ontdekking dat sterren een eigenbeweging hebben ten opzichte van elkaar.

De uitvinding van de telescoop leidde ook tot de ontdekking van de begeleider van Procyon. In 1844 namen astronomen een wiebeling waar in de beweging van Procyon A. Deze wiebeling werd veroorzaakt door de kleinere begeleider Procyon B.

Procyon B zelf werd voor het eerst waargenomen in 1896. De begeleider is 15.000 maal lichtzwakker dan Procyon zelf en de afstand tussen beide sterren bedraagt slechts 5 boogseconden. Beide sterren draaien in 41 jaar om een gemeenschappelijk zwaartepunt. Procyon A heeft een massa van 1,42 zonsmassa’s. De begeleider heeft een massa van 0,6 zonsmassa’s.

Procyon B is een witte dwerg, de ster die overblijft aan het eind van het leven van middelgrote sterren. Dit betekent dat de oorspronkelijke ster waaruit Procyon B is ontstaan zwaarder is geweest dan Procyon A. Vermoedelijk ongeveer 2,1 zonsmassa.

Gomeisa – β Canis Minoris (Beta Canis Minoris)
Gomeisa is de op één na helderste ster van Canis Minor. Het is een hete hoofdreeksster van spectraalklasse B die tevens een Gamma Cas-veranderlijke is. De ster roteert snel en stoot daarbij materie uit. Deze uitstoot van materie is zorgt voor het helderheidsverschil. Deze sterren staan ook bekend als schil-sterren omdat ze zijn omgeven door een schijf van uitgestoten materiaal die wordt verhit door de straling van de ster.

Gomeisa bevindt zich op een afstand van ± 170 lichtjaar. De ster heeft een gemiddelde helderheid van magnitude 2,89 en deze helderheid varieert tussen magnitude 2,84 en 2,92.

De naam Gomeisa komt van het Arabische al-ghumaisa, de vrouw met de blauwe ogen.

γ Canis Minoris (Gamma Canis Minoris)
Gamma Canis Minoris is een spectroscopische dubbelster die zich op een afstand van ± 398 lichtjaar bevindt. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 4,33. De hoofdster is een oranje reus van spectraalklasse K. De begeleider, die we alleen spectroscopisch kunnen zien, draait in 38 om de hoofdster heen.

G Canis Minoris
G Canis Minoris is ook een dubbelster. De afstand bedraagt 261 lichtjaar. Het is een oranje reus van spectraalklasse K en een helderheid van magnitude 4,39.

De Ster van Luyten (GJ 273)
De Ster van Luyten is een rode dwerg die zich op een afstand van ongeveer 12,36 lichtjaar bevindt. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 9,87 en is daarmee niet met het blote oog zichtbaar.

De Ster van Luyten is de 22-ste ster tot de Zon. De dichtste nadering vond ongeveer 13.000 jaar geleden plaats. De afstand bedroeg toen 3,67 parsecs. De ster beweegt zich nu weg van de Zon.

De Ster van Luyten is vernoemd naar de Nederlands-Amerikaanse astronoom Willem Jacob Luyten die als eerste de eigenbeweging van de ster bepaalde. De ster bevindt zich nu op een afstand van 1,2 lichtjaar van Procyon.

Canis Minor op oude sterrenkaarten

Canis Minor – uit de Uranometrica van Johann Bayer uit 1603.

Canis Minor – uit de Uranographia van Johannes Hevelius (± 1690).

Canis Minor – uit Urania’s Mirror (± 1825) samen met de sterrenbeelden Monoceros en het niet meer erkende sterrenbeeld Atelier Typographique.

Deep Sky objecten

Canis Minor bevat verschillende deep sky objecten maar ze zijn allemaal te zwak en erg lastig om waar te nemen.

Het meest opvallende is NGC 2485 met een visuele helderheid van magnitude 12,4. Dit spiraalvormige sterrenstelsel bevindt zich 3,3° ten noordoosten van Procyon.

IAU-kaart van het sterrenbeeld Canis Minor
IAU-kaart van het sterrenbeeld Canis Minor – Kleine Hond

Download de kaart van het sterrenbeeld Canis Minor – Kleine Hond

 

Eerste publicatie: 17 juli 2009
Laatste keer bewerkt op: 11 december 2016