Het sterrenbeeld Leo – Leeuw

Het sterrenbeeld Leo bevindt zich aan de noordelijke sterrenhemel. Het sterrenbeeld behoort tot de dierenriem en het is één van de grotere sterrenbeelden aan de sterrenhemel. Het sterrenbeeld stelt de leeuw voor en wordt meestal geassocieerd met de Nemeaanse leeuw uit de Griekse mythologie.

Het sterrenbeeld behoort tot de 48 klassieke sterrenbeelden van Ptolemeus. Leo bevat de heldere sterren Regulus en Denebola, de nabije ster Wolf 359 en veel interessante deep sky objecten.

Leo behoort samen met Aries, Taurus, Gemini, Cancer, Virgo, Libra, Scorpius, Sagittarius, Capricornus, Aquarius en Pisces.

Er zijn twee meteorenzwermen die hun radiant in het sterrenbeeld hebben liggen. De Leoniden hebben hun maximum tussen 17 en 19 november en de radiant van deze meteorenzwerm ligt in de buurt van de heldere ster Gamma Leonis. De Januari Leoniden zijn een kleine meteorenzwerm die het maximum tussen 1 en 7 januari heeft liggen.

Gegevens Sterrenbeeld

Nederlandse naamLatijnse naamAfkortingGenitief
LeeuwLeoLeoLeonis
ZichtbaarheidJanuari – Juni (aangegeven zijn de maanden waarin het sterrenbeeld om 22 uur boven de horizon staat) voor waarnemers tussen de 90-ste en de -65-ste breedtegraad
GrootteIn grootte is Leo het 12-de sterrenbeeld. Het sterrenbeeld beslaat een oppervlakte van 947 (°)2 aan de sterrenhemel.
OmgevingHet sterrenbeeld wordt omringd door Ursa Major, Leo Minor, Lynx, Cancer, Hydra, Sextans, Crater, Virgo en Coma Berenice
MeteorenzwermenDe Leoniden (maximum tussen 17 en 19 november) en de Januari-Leoniden (maximum tussen 1 en 7 januari)

 Gegevens sterren

1) Deze namen zijn geautoriseerd door de Internationale Astronomische Unie. Alleen de sterren die een naam hebben zijn opgenomen in het overzicht.

Ster

Naam

Betekenis

Helderheid
(magnitude)

Afstand
(lichtjaar)

α LeoRegulus 1), Cor Leonis of Kalb
Babylonische naam: Sharru
Prins, hart van de Leeuw1,3477,57
β LeoDenebola 1). Hindi: Purva Phalguni. Perzisch: Safa
Babylonische naam: Zibbat-A
Staart van de Leeuw2,1236,18
γ LeoAlgieba 1)Voorhoofd2,00125,7
δ LeoZosma 1). Hindi: Purva Phalguni. Perzisch: JhaheraLendendoek2,5357,73
ε LeoRas Elased
Babylonische naam: Rishu-A
Hoofd van de Leeuw2,96250,9
ζ LeoAdhafera 1)Krul (haarkrul)3,40259,9
θ LeoCoxa of Chort of Chertan 1)Heup of smalle rib of twee smalle ribben3,31177,7
ι LeoTsze TseangChinees: de tweede generaal4,0079,07
λ LeoAlterfSchijn, glans4,31338,0
μ LeoRasalas 1)Hoofd van de Leeuw3,87133,1
ρ LeoHindi: Magha. Perzisch: JahavaHoofd van de Leeuw3,815930,2
ο LeoSubra3,52130,5
Klik op de afbeelding voor een kaart met de namen van de sterren.

Mythologie

Leo – Afbeelding

Leo is een van de oudere sterrenbeelden aan de sterrenhemel. Er is archeologisch bewijs dat de Mesopotamiërs 4000 jaar voor Christus al een sterrenbeeld kenden dat gelijkenis vertoonde met de leeuw. De Perzen kenden het sterrenbeeld als Sher of Shir en de Babyloniërs noemden het sterrenbeeld UR.GU.LA: de grote leeuw. De Syriërs kenden het sterrenbeeld als Aryo en de Turken als Artan.

De Babyloniërs kenden de heldere ster Regulus als “de ster die zich in de borst van de leeuw bevindt” en ook als de “koningsster”. Zoel het sterrenbeeld als Regulus waren bekend bij de meeste antieke culturen.

De Grieken associeerden het sterrenbeeld Leo met de Nemeaanse leeuw die door Hercules tijdens één van zijn twaalf opdrachten werd gedood. Zowel Hyginus als Eratosthenes schreven dat de leeuw aan de sterrenhemel werd geplaatst omdat het de koning der dieren was.

De leeuw leefde in een grot in Nemea, een stad ten zuidwesten van Korinthië. Het beest doodde de lokale bewoners en kon niet worden gedood omdat wapens niet door zijn vacht konden dringen. Hercules kon de leeuw dus niet doden met zijn pijlen en dus ving hij de leeuw in zijn grot, greep het bij de keel en wurgde het beest. Hij gebruikte de klauwen van de leeuw om de vacht af te pellen. Hij droeg die vacht als zijn mantel compleet met de kop van de leeuw er aan. De mantel beschermde Hercules en zorgde er ook voor dat hij er afschrikwekkend uitzag.

In de hemel vormen de zes sterren die in de vorm van een sikkel staan de kop van de leeuw en de helderste ster in het sterrenbeeld, Regulus – alpha Leonis markeert het hart van het beest. De tweede heldere ster, Denebola, markeert het puntje van de staart van de leeuw. Algieba – Gamma Leonis bevindt zich in de nek van de leeuw en Zosma – delta Leonis markeert de romp van het beest.

Men vermoedt dat de overgang van een gehoornd dier naar een leeuw als symbool van macht samengaat met de overgang van een op de Maan gebaseerde religie naar een op de Zon gerichte religie. Om deze wijziging in religie/politieke structuur kracht bij te zetten moest de leeuw de stier doden: dit zien we terug aan de plaatsing aan de hemel. Leo, de vernietiger van Taurus, de Stier domineert de zomerhemel, de tijd dat de zon door dit gedeelte van de hemel beweegt. Tengevolge van de precessie trekt de Zon door Leo aan het eind van de zomer, van midden augustus tot half september.

In de astrologie wordt aan het sterrenbeeld het teken Leeuw (23 juli – 22 augustus) en het element vuur (samen met Aries en Sagittarius) toegekend.

Men zegt dat Indianenstammen in Peru in de sterren een bergleeuw herkenden. In het oud China zag men er soms een paard in en soms delen van een draak. In de Middeleeuwen refereerden Christenen naar de leeuw van Daniël.

Leo op oude sterrenkaarten

Leo – uit de Uranometrica van Johann Bayer uit 1603

Leo – uit de Atlas Celeste van John Bevis (ca. 1750)

Leo – uit de Uranographia van Hevelius (ca. 1690)

Leo (als Leo Major) samen met Leo Minor- uit Urania’s Mirror (ca. 1825)

De sterren van Leo

Regulus – alpha Leonis – α Leonis
Regulus is de helderste ster van het sterrenbeeld en de 22-ste heldere ster die we aan de sterrenhemel kunnen zien. Regulus heeft een visuele helderheid van magnitude 1,35 en is ongeveer 77 lichtjaar van ons verwijderd.

Regulus is een viervoudig stersysteem bestaande uit twee dubbelsterren. Regulus A is een spectroscopische dubbelster waarvan beide sterren met een periode van ongeveer 40 dagen om een gemeenschappelijk zwaartepunt draaien.

Regulus B en Regulus C hebben dezelfde eigenbeweging. De beide sterren bevinden zich op een afstand van 177 boogseconden van Regulus A en ze hebben een visuele helderheid van magnitude 8,1 respectievelijk 13,5. De twee sterren zijn ongeveer 100 Astronomische Eenheden van elkaar verwijderd en draaien met een periode van 2000 jaar om een gemeenschappelijk zwaartepunt.

De hoofdcomponent van Regulus A is een jonge ster die pas enkele miljoenen jaren oud is en een massa van 3,5 zonsmassa heeft. De ster draait enorm snel om zijn as; de rotatieperiode bedraagt slechts 15,9 uur. Als gevolg van deze snelle rotatie heeft de ster een langgerekte vorm als een rugbybal. Zou de ster nog eens 16% sneller draaien dan zou de ster asl gevolg van de centrifugaal krachten uit elkaar geslingerd worden.

Alpha Leonis is de helderste ster die zich in de buurt van de ecliptica bevindt. Hierdoor zal de ster regelmatig door de Maan en soms door Venus en Mercurius worden bedekt.

Regulus is een dubbelster, de twee begeleiders zijn ook weer dubbel. Er zijn recente waarnemingen die er op duiden dat er een witte dwerg in een baan zeer dicht om Regulus draait. Regulus draait heel snel om zijn as en vertoont een vreemde beweging. De rotatiesnelheid bedraagt 1.100.000 kilometer per uur aan de evenaar. Onze Zon draait met een snelheid van 7.242 kilometer per uur. Een ander vreemd fenomeen is de temperatuur van Regulus die veel hoger is aan de polen dan aan de evenaar. De temperatuur aan de polen bedraagt 15.100°C, terwijl de temperatuur aan de evenaar 10.000°C bedraagt.

De naam Regulus is gebruikt in diverse televisieseries zoals Star Trek en Babylon 5. Ook in de Harry Potter-boeken van de schrijfster J.K. Rowling komt Regulus voor. Daar is hij Regulus Black, de broer van Sirius Black, de peetvader van Harry Potter.

De oudste verwijzing naar Regulus komt uit het oude Perzië van 3000 voor Christus. De ster was daar één van de vier koninklijke sterren. Eerst onder de naam Venant en later onder de naam Miyan. De naam reguus is het Latijnse verkleinwoord voor Rex. Rex betekent koning, Regulus betekent dus “Kleine Koning”. De ster stond vroeger bekend als Rex maar wanneer en waarom men de ster Regulus is gaan noemen is onbekend. Men was men van mening dat er naast Leo als Koning van de Beesten, geen plaats was voor een andere koning.

Het sterrenbeeld Leo komt voor in een oude Romeinse tekst van Ptolemeus (100-170 na Christus). Deze tekst handelde over astrologie en het veronderstelde effect van gebeurtenissen aan de hemel op de mensheid.

In het Latijn betekent de naam Regulus “kleine koning”. Deze naam is voor het eerst gebruikt in de 16-de eeuw door Nicolas Copernicus. De Griekse naam van de ster, Basiliscos heeft dezelfde betekenis.  De Arabische naam voor de ster is “Qalb al-Asad” en dat betekent “hart van de leeuw”. In het Arabisch werd de ster ook wel Malikiyy, “de Koninklijke”. Ook andere oude culturen dichtten koninklijke krachten toe aan de ster.

Denebola – Beta Leonis – βLeonis
Denebola is de op één na helderste ster in het sterrenbeeld en de 61-ste aan de sterrenhemel. Het is een hoofdreeksster van spectraalklasse A3 die een visuele helderheid van magnitude 2,11 heeft en ongeveer 35,9 lichtjaar van ons is verwijderd.

Denebola heeft een massa van 0,75 zonsmassa, een straal van 1,73 * de Zon en een lichtkracht van 12 * de Zon. De ster is geclassificeerd als een Delta Scuti-veranderlijke en dat betekent dat er kleine helderheidsverschillen zijn in een periode van enkele uren. Denebola vertoont ongeveer 10 keer per dag een helderheidsverschil van 0,025 magnitude.

Denebola is een nog relatief jonge ster; de leeftijd wordt geschat op ongeveer 400 miljoen jaar en net zoals Regulus draait de ster heel snel om zijn as. De draaisnelheid van Denebola bedraagt ongeveer 128 kilometer per seconde en als gevolg daarvan heeft de ster de vorm van een afgeplatte bol.

Omdat Denebola op infrarode golflengtes heel veel licht uitzendt vermoeden astronomen dat de ster is omringd door een schijf van stof en gas waar zich eventueel planeten uit kunnen vormen.

Denebola maakt deel uit van de supercluster IC 2391. Dit is een associatie van sterren die allemaal dezelfde eigenbeweging hebben maar qua zwaartekracht niet onderling met elkaar zijn verbonden. Onder andere alpha Pictoris, Beta Canis Minoris en de sterren van de open sterrenhoop IC 2391 die ook bekend is onder de naam Omicron Velorum Cluster, maken hier deel van uit.

De traditionele naam van de ster, Denebola, komt van het Arabische “aanab al-asad” en dat betekent “de staart van de leeuw”.

Algieba – γ Leonis

Algieba – γ Leonis is een mooie dubbelster. Beide sterren zijn reuzensterren die ongeveer twee keer zo zwaar zijn als onze Zon. Ze zijn door hun voorraad waterstof heen en ze zijn nu bezig om de helium in hun kern te verbranden.

Ofschoon Algieba in de manen van de Leeuw ligt betekent de Arabische naam “voorhoofd”. De ster is van magnitude 2 en lijkt zonder optische middelen wit-geel van kleur. De beide sterren staan 4” (boogseconden) van elkaar verwijderd. Met een verrekijker zijn ze niet te scheiden maar een telescoop met een doorsnede van 70 mm en een vergroting van 75x of meer is al voldoende om beide sterren te kunnen zien. De helderste ster is een geel-oranje reuzenster, de zwakkere ster is van magnitude 3 en is geel van kleur. Er zijn waarnemers die een zwak rode kleur voor de zwakste ster hebben gerapporteerd.

Algieba bevindt zich op een afstand van 130 lichtjaar van onze Zon. Beide sterren zijn 170 AU van elkaar verwijderd. Dat komt overeen met ongeveer vier keer de afstand Zon – Pluto. Astronomen hebben een planeet ontdekt bij de helderste ster. Deze planeet bevindt zich op een afstand van 1 AU van de ster en draait in ongeveer 420 dagen om de ster. Deze planeet is minstens negen keer zo zwaar als Jupiter.

De beide sterren van Algieba draaien met een periode van 500 – 600 jaar om hun gemeenschappelijke zwaartepunt heen. Het was William Herschel die de dubbelster in 1786 ontdekte.

Twee graden ten noordwesten van Algieba bevindt zich de radiant van de Leoniden. Deze meteorenzwerm is jaarlijks rond 17 november actief. Deze meteorenzwerm heeft ongeveer iedere 33 jaar een grote opleving.

De traditionele naam van de ster, Algieba, komt van het Arabische “Al-Jabhah” en dat betekent “voorhoofd”. De ster is ook bekend onder zijn Latijnse naam “Juba”.

Algieba wordt samen met Adhafera (Zeta Leonis) en Al Jabbah (Eta Leonis) ook wel “de sikkel” genoemd naar de vorm van de sterren aan de sterrenhemel.

Zosma – Delta Leonis – δ Leonis
Zosma is een hoofdreeksster behorende tot spectraalklasse A4, de ster bevindt zich op een afstand van ongeveer 58,4 lichtjaar en heeft een visuele helderheid van magnitude 2,6. Zosma draait met een snelheid van 180 kilometer per seconde om zijn as en heeft als gevolg daarvan de vorm van een afgeplatte bol.

Delta Leonis is een beetje groter dan onze Zon. De ster heeft een straal van 2,14 * de Zon en een lichtkracht van 15 * de Zon. De ster is op weg naar zijn rode reusstadium.

Men vermoedt dat Zosma deel uitmaakt van de Ursa Major groep van bewegende sterren. Dit zijn sterren die allemaal dezelfde eigenbeweging hebben en vermoedelijk allemaal een gezamenlijke oorsprong hebben.

De traditionele naam van de ster, Zosma, komt uit het antieke Grieks en betekent “de gordel”. Zosma bevindt zich in de heup van de leeuw.

Chertan – Chort – Theta Leonis – θ Leonis
Chort is een ster van spectraalklasse A2 die een massa heeft van 2,5 zonsmassa en een visuele helderheid heeft van magnitude 3,3. De ster bevindt zich op een afstand van ongeveer 165 lichtjaar van de Zon.

Zosma heeft een geschatte leeftijd van 550 miljoen jaar en dat betekent dat het nog een hele jonge ster is. Op infrarode golflengtes zendt de ster heel veel licht uit en dat duidt meestal op de aanwezigheid van een schijf van stof en gas om de ster heen. De ster heeft een grote eigenbeweging van 23 kilometer per seconde.

De traditionele naam van de ster, Chort, komt van het Arabische “al-kharat of “al-khurt” en dat betekent “kleine rib”. Ook de naam Chertan wordt voor de ster gebruikt en dat komt van het Arabische “al-kharatan en dat betekent “twee kleine ribben”. De Latijnse naam van de ster, Coxa, betekent “heup”.

Al Minliar – Kappa Leonis – κ Leonis
Kappa Leonis is een dubbelster met een visuele helderheid van magnitude 4,5. De ster bevindt zich op een afstand van ongeveer 210 lichtjaar. De traditionele naam van de ster, Al Minliar, komt van het Arabische Minkhir al-Asad” en dat betekent “de snuit van de leeuw”.

Alterf – Lambda Leonis – λ Leonis
Alterf bevindt zich op een afstand van ongeveer 336 lichtjaar van de Zon en heeft een visuele helderheid van magnitude 4,3. De traditionele naam van de ster, Alterf, komt van het Arabische “at-tarf” en dat betekent “het uitzicht op de leeuw”.

Subra – Omicron Leonis – ο Leonis
Subra bevindt zich op een afstand van ongeveer 135 lichtjaar van de Zon en heeft een visuele helderheid van magnitude 3,5. Het is een dubbelster bestaande uit een hoofdcomponent van spectraalklasse F9 en een begeleider van spectraalklasse A5.

Al Jabbah – Eta Leonis – η Leonis
Al Jabbah is een ster behorende tot spectraalklasse A0 die een visuele helderheid heeft van magnitude 3,5 en ongeveer 2000 lichtjaar ver weg staat. De ster heeft een lichtkracht van 5600 * de Zon en een absolute helderheid van magnitude -5,6. Men vermoedt dat de ster deel uit maakt van een dubbelstersysteem.

Adhafera – Zeta Leonis – ζ Leonis
Zeta Leonis heeft een visuele helderheid van magnitude 3,3 en is ongeveer 274 lichtjaar van ons verwijderd. De ster heeft een lichtkracht van 85 * de Zon.

Adhafera heeft een optische begeleider in de ster 35 Leonis. Deze ster heeft een helderheid van magnitude 5,9. 35 Leonis bevindt zich op een afstand van 326 boogsecondes. Het is een optische begeleider en de beide sterren vormen geen echte dubbelster. 35 Leonis is namelijk ongeveer 100 lichtjaar van de Zon verwijderd.

De traditionele naam van de ster, Adhafera, omt van het Arabische “al-aafirah” en dat betekent “de krul” of “de vlecht”.

Ras Elased Borealis – Mu Leonis – μ Leonis
Mu Leonis heeft een visuele helderheid van magnitude 4,1 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 133 lichtjaar van de Zon. De ster behoort tot spectraalklasse K3.

De traditionele naam van de ster, Ras Elased Borealis, ook wel Rasalas en Alshemali, komen van het Arabische “ra’s al-’asad as-samali” en dat betekent “de noordelijke ster in het hoofd van de leeuw”.

Ras Elased Australis – Epsilon Leonis – ε Leonis
Epsilon Leonis heeft een visuele helderheid van magnitude 3,0 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 247 lichtjaar van de Zon. Het is met een geschatte leeftijd van ongeveer 150 miljoen jaar nog een erg jonge ster.

Epsilon Leonis heeft een lichtkracht van 288 * de Zon, een massa van 4 zonsmassa en een straal van 21 * de Zon. Het is een Cepheide-veranderlijke ster waarvan de helderheid iedere paar dagen met 0,3 magnitude fluctueert.

De traditionele naam van de ster, Ras Elahud Australis, Asas Australis of Algenubi, komt van het Arabische “ras al-’asad al-janubi” en dat betekent “de zuidelijke ster in het hoofd van de leeuw”.

Rho Leonis – ρ Leonis
Rho Leonis heeft een visuele helderheid van magnitude 3,9 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 5000 lichtjaar van de Zon. De ster is van spectraalklasse B1 en heeft een massa van 21 zonsmassa, een straal van 37 * de Zon en een lichtkracht van maar liefst 300.000 * de Zon.

Rho Leonis is een zogenoemde “runaway” ster die een hele grote eigenbeweging heeft van 30 kilometer per seconde. Daarnaast is het een dubbelster waarvan de begeleider een visuele helderheid heeft van magnitude 4,8.

Iota Leonis – ι Leonis
Iota Leonis is een spectroscopische dubbelster van spectraalklasse F3. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 4,0 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 79 lichtjaar van de Zon.

Sigma Leonis – σ Leonis
Sigma Leonis behoort tot spectraalklasse B9.5 en bevindt zich op een afstand van ongeveer 210 lichtjaar van de Zon. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 4.0.

Wolf 359
Wolf 359 is een rode dwerg die slechts 7,78 lichtjaar van ons is verwijderd. De ster heeft een visuele helderheid van magnitude 13,5. De ster heeft een erg lage massa. Wolf 359 zendt slechts 0,1% van de energie van de Zon uit, heeft een massa van 0,08 zonsmassa en een straal van 0,16 * de Zon. De ster is minder dan een miljard jaar oud en heeft een grote eigenbeweging.

Wolf 359 is een zogenoemde “flare”-ster. Dit zijn sterren die als gevolg kan kortdurende uitbarstingen aan hun oppervlak grote helderheidsverschillen kunnen vertonen. De flares veroorzaken grote uitbarstingen van gammastraling en röntgenstraling.

Wolf 359 is één van de meest nabije sterren tot de Zon, alleen alpha Centauri en de ster van Barnard bevinden zich dichterbij. Vanwege de nabijheid tot de Aarde komt de ster veelvuldig voor in de science fiction. De ster speelt o.a. een rol in de Slag om Wolf 359 waarin de door de Borg geassimileerde Picard het opneemt tegen Sisko, de latere leider van Deep Space Nine. Ook komt de ster voor in een aflevering van The Outer Limits.

CW Leonis
CW Leonis is een koolstofster die is gehuld in een dikke mantel van stof. De ster bevindt zich 390 tot 490 lichtjaar van de Zon. De ster werd in 1969 ontdekt door de Amerikaanse astronoom Eric Brecklin. CW Leonis is aan het eindstadium van zijn evolutie belandt en zal uiteindelijk zijn buitenste lagen de ruimte inblazen waarna er een witte dwerg over zal blijven. Het gasachtige omhulsel van de ster is rijk aan koolstof en is ongeveer 70.000 jaar oud. De ster blaast jaarlijks enorme hoeveelheden materie de ruimte in en men heeft berekend dat het gasachtige omhulsel momenteel al ongeveer 1,4 zonsmassa aan materie bevat.

De ster is variabel met een periode van 649 dagen en heeft een gemiddelde lichtkracht van 11.300 * de Zon maar de variatie ligt tussen 6250 en 15.800 * de Zon. De visuele helderheid van de ster varieert tussen magnitude 1,2 en 11,0.

R Leonis
R Leonis heeft een visuele helderheid die varieert tussen magnitude 4,4 en 11,3 in een periode van 312 dagen. Het is een Mira-veranderlijke ster. R Leonis bevindt zich op een afstand van ongeveer 370 lichtjaar van de Zon. De ster heeft een straal van 320 – 350 * de Zon. Op zijn helderst is de ster met het blote oog zichtbaar en tijdens een minimum is een telescoop nodig om de ster te kunnen waarnemen. Dat de ster variabel is werd in 1782 ontdekt door de astronoom J.A. Koch uit Danzig. In september 2009 had de ster haar laatste maximum. De ster heeft een dieprode kleur die tijdens het maximum verandert naar purper. De ster wordt omringd door enkele witte sterren die er voor zorgen dat de rode/purperen kleur van R Leonis extra opvalt.

De Deep Sky objecten in Leo

Leo telt vijf Messier-objecten: M65, M66, M95, M96 en M105.

Messier 65 – M65 – NGC 3623

M65 in het sterrenbeeld Leo

Andere benamingen: M65, NGC 3623
Type object: spiraalvormig melkwegstelsel
Afstand: 35.000.000 lichtjaar
Visuele helderheid: 9,3
Schijnbare grootte: 8*1.5 boogminuten

M65 en M66 werden in dezelfde nacht ontdekt. Het was Charles Messier die op 1 maart 1780 zijn telescoop op dit gebied rechtte en beide stelsels ontdekte. Zoals zo vaak zag Messier een nevel die uit geen enkele ster leek te bestaan.

William Herschel zag een heldere kern omringd door een dunnere zwakkere band. Het was echter Lord Rosse die als eerste de nevel wist op te lossen tot een melkwegstelsel. Hij zag er structuren in. Hij noteerde op 31 maart 1848: een merkwaardige nevel met een heldere kern, oplosbaar in sterren, een spiraalvorm. Hij bekeek M65 ook op 1 april en 3 april 1848 en hij bemerkte geen verandering.

Ofschoon de schijnbare visuele helderheid anders doet vermoeden is M65 toch onder goede omstandigheden zichtbaar in een verrekijker. Het is groot en het heeft een heldere kern en daardoor valt het snel op. M65 bevindt zich tussen de sterren Iota en Theta Leonis. Onder zeer goede omstandigheden is M65 zelfs zichtbaar in een 6*30 verrekijker maar dan moet je dan wel niet in Nederland zijn maar ergens in een, bijvoorbeeld, Zuid-Europees land waar het echt donker wordt.

Messier 66 – M66 – NGC 3627

M66 in het sterrenbeeld Leo

Andere benamingen: M66, NGC 3627
Type object: spiraalvormig melkwegstelsel
Afstand: 35 miljoen lichtjaar
Visuele helderheid: 8.9
Schijnbare grootte: 8 * 2.5 boogminuten

De visuele helderheid doet vermoeden dat M66 niet zichtbaar is in een kleine verrekijker maar dit is niet waar. Dankzij de grootte en de hoge oppervlakte helderheid is het melkwegstelsel in een kleine verrekijker herkenbaar. M66 bevindt zich tussen ι Leonis en θ Leonis. Onder donkere omstandigheden is M66 zelfs zichtbaar in een kleine 6 * 30 verrekijker.

M66 bevindt zich op een afstand van ongeveer 35 miljoen lichtjaar in een groep melkwegstelsels die ook bekend zijn als het Leo Drietal. M66 is, voor ons als waarnemer het meest oostelijke stelsel. In een telescoop is de balkspiraal zichtbaar. Er is interactie tussen M66 en de twee andere Messier-objecten. In M66 komen grote gebieden voor waar stervorming plaatsvindt. Daarnaast wordt M66 intensief bestudeerd op het gebied van de vorming van grote sterrenclusters. Astronomen nemen aan dat dergelijke sterrenclusters de voorlopers zijn van bolvormige sterrenhopen. Deze sterrenclusters worden vooral waargenomen in sterrenstelsels waar zeer actieve stervorming plaatsvindt en nabij kernen van melkwegstelsels die juist minder actief zijn.

Zowel M65 als M66 werden op 1 maart 1780 door Charles Messier ontdekt. Hij omschreef M66 als een nevel in Leo, erg zwak. De komeet van 1773 en 1774 passeerde M65 en M66 in de nacht van 1 op 2 november 1773 maar dat werd niet opgemerkt door Messier. De komeet was zo helder dat hij de beide melkwegstelsels niet kon zien.

Uiteraard keken ook de Herschels naar beide objecten en namen ze ze op in hun catalogi. M66 staat als No. 875 in de catalogus van John Herschel. Hun telescopen waren groot genoeg om de spiraalstructuren van de beide stelsels waar te nemen.

Messier 95 – M95 – NGC 3351

M95 & M96 in het sterrenbeeld Leo

Andere namen: NGC3351
Type: balkspiraalvormig sterrenstelsel
Afstand: 38,000,000 lichtjaar
Visuele helderheid: 9,7
Schijnbare grootte: 4,4*3,3 boogminuten

Als je gebruik maakt van een groothoek-oculair en een lage vergroting dan zie je M95 en M96 in hetzelfde beeldveld. M95 is dan het meest zuidelijke stelsel. Beide objecten zijn relatief gemakkelijk in de buik van de Leeuw te vinden. Begin bij Regulus (α Leonis). Ga een vuistbreedte naar het westen waar je een zwak driehoekig sterpatroon ziet, dit zijn de heupen van de leeuw. Ga naar de meest westelijke ster van dit drietal, θ Leonis. M95 bevindt zich in de buurt. Zowel M95 als M96 zijn met heel veel moeite zichtbaar in een grote verrekijker onder goede omstandigheden maar een kleine telescoop mag geen problemen opleveren. Grotere telescopen laten veel meer detail zien. Omdat het zwakke stelsels zijn heb je wel een donkere nachthemel nodig en een goede seeing om ze goed te kunnen bestuderen.

M95 bevindt zich op een afstand van 38 miljoen kilometer, het was één van de stelsels die waren uitgekozen om m.b.v. de Hubble ruimte telescoop de zogenaamde Hubble-constante te bepalen.

M95 werd voor het eerst waargenomen in 1781 door Pierre Mechain en 4 dagen later, op 24 maart 1781, door Messier toegevoegd aan zijn catalogus. Hij noteerde: nevel zonder ster, vlak boven de ster ι Leonis (53 Leonis). Op 11 maart 1784 noteerde William Herschel: een fijne, heldere nevel. In het midden helderder dan aan de randen.

Messier 96 – M96 – NGC 3368

Andere namen: NGC3368
Type: spiraalvormig sterrenstelsel
Afstand: 38,000,000 lichtjaar
Visuele helderheid: 9,2
Schijnbare grootte: 6*4 boogminuten

Als je gebruik maakt van een groothoek-oculair en een lage vergroting dan zie je M95 en M96 in hetzelfde beeldveld. M95 is dan het meest zuidelijke stelsel. Beide objecten zijn relatief gemakkelijk in de buik van de Leeuw te vinden. Begin bij Regulus (alpha Leonis). Ga een vuistbreedte naar het westen waar je een zwak driehoekig sterpatroon ziet, dit zijn de heupen van de leeuw. Ga naar de meest westelijke ster van dit drietal, theta Leonis. M95 bevindt zich in de buurt. Zowel M95 als M96 zijn met heel veel moeite zichtbaar in een grote verrekijker onder goede omstandigheden maar een kleine telescoop mag geen problemen opleveren. Grotere telescopen laten veel meer detail zien. Omdat het zwakke stelsels zijn heb je wel een donkere nachthemel nodig en een goede seeing om ze goed te kunnen bestuderen.

M95 bevindt zich op een afstand van 38 miljoen kilometer, Het is het helderste stelsel van de Leo I groep van sterrenstelsels.waartoe ook M95 en M105 en verschillende zwakkere stelsels behoren. M96 heeft een doorsnde van 66.000 lichtjaar

M96 werd voor het eerst waargenomen in 1781 door Pierre Mechain en 4 dagen later, op 24 maart 1781, door Messier toegevoegd aan zijn catalogus. Hij noteerde: nevel zonder ster in de buurt van de vorige (M95), vlak boven de ster Iota Leonis (53 Leonis). Op 11 maart 1784 noteerde William Herschel: een fijne, heldere nevel. Hij ijkt op de vorge (M95) maar deze is helderder.

Messier 105 – M105 – NGC 3379

M105 in het sterrenbeeld Leo

We starten onze zoektocht naar dit melkwegstelsel bij de ster α Leonis (Regulus). Van hieruit ga je naar de ster θ Leonis. Tussen deze twee sterren in staat een zwakke ster die met het blote oog niet zichtbaar is M105 staat ongeveer 2 graden (een vingerbreedte) ten zuidoosten van deze ster. Als je de ster niet kan zien dan kan je heel waarschijnlijk het melkwegstelsel ook niet zien. Onder hele goede waarneemomstandigheden is het melkwegstelsel in een grote verrekijker zichtbaar. In het kleine telescoop is het dus ook goed te doen. Er is nauwelijks detail te zien in M105, ook niet met grote telescopen.

M105 maakt deel uit van de Leo-1 groep van melkwegstelsels. Het is een oud melkwegstelsel waarvan de kern 50 miljoen keer zo veel massa bevat dan onze zon. De kans is groot dat er zich daar een groot massief zwart gat bevindt. M105 is een interessant object voor astronomen vanwege het tekort aan gas. Mogelijk komen er in de kern meerdere zwarte gaten voor. Waarnemingen gedaan met de röntgentelescoop Chandra laten zien dat M105 zich anders gedraagt dan een doorsnee elliptisch melkwegstelsel.

M105 werd op 24 maart 1781 ontdekt door Pierre Mechain, drie dagen nadat hij ook M101 had ontdekt. Waarom Messier het niet heeft opgenomen in zijn catalogus is onduidelijk. We weten dat hij het stelsel heeft gezien en de waarneming heeft bevestigd. Mogelijk heeft het te maken met het feit dat Messier in deze tijd zijn vrouw en pasgeboren zoon had verloren en hij er niet helemaal bij was met zijn aandacht.

NGC 2903

NGC 2903 in het sterrenbeeld Leo

In Leo vinden we ook nog NGC2903. Dit stelsel heeft een visuele magnitude van 8,9 en is daarmee helderder dan de andere Messier-objecten in Leo. Op de één of andere manier is het aan de aandacht van Messier ontsnapt. NGC2903 ligt net ten zuiden van λ Leonis. Het stelsel is in 1784 ontdekt door William Herschel.

IAU-kaart van het sterrenbeeld Leo

IAU-kaart van het sterrenbeeld Leo – Leeuw

NGC 3628
NGC 3628 is een spiraalvormig sterrenstelsel op een afstand van ongeveer 35 miljoen lichtjaar. NGC 3628 is in 1784 door William Herschel ontdekt.

NGC 3607
NGC 3607 is een spiraalvormig sterrenstelsel met een visuele helderheid van magnitude 10,8. Het maakt deel uit van de Leo II-groep van sterrenstelsels.

NGC 3593
NGC 3593 is een spiraalvormig sterrenstelsel met een visuele helderheid van magnitude 12,6.

NGC 3384

NGC 3384 is een elliptisch sterrenstelsel dat ongeveer 35,1 miljoen lichtjaar van ons is verwijderd. Het stelsel is in 1784 ontdekt door William Herschel. NGC 3384 maakt deel uit van de M96-groep van sterrenstelsels.

NGC 3842
NGC 3842 is een elliptisch sterrenstelsel dat één van de grootste bekende zwarte gaten herbergt. De massa van het supermassieve zwarte gat in het centrum van het stelsel is berekend op 9,7 miljard zonsmassa. NGC 3842 heeft een visuele helderheid van magnitude 12,8 en is ongeveer 331 miljoen lichtjaar van ons verwijderd.

NGC 3596
NGC3596 is een spiraalvormig sterrenstelsel met een visuele helderheid van 12,0. het stelsel is in 1784 ontdekt door William Herschel. NGC 3596 bevindt zich in de buurt van de ster theta Leonis.

NGC 3626
NGC 3626 is een spiraalvormig sterrenstelsel met een visuele helderheid van magnitude 10,6. Het sterrenstelsel bevindt zich op een afstand van ongeveer 70 miljoen lichtjaar en het is te vinden in de buurt van de heldere ster delta Leonis. NGC 3626 maakt deel uit van de Leo-II-groep van sterrenstelsels.

NGC 3357
NGC 3357 is een elliptisch sterrenstelsel dat op 5 april 1864 is ontdekt door de Duitse astronoom Albert Marth.

 

Eerste publicatie: 20 juli 2009
Laatste keer gewijzigd op: 24 november 2017